| Terug naar de vorige
pagina.
|
| POLITIEK
CAFÉ op 6 april 2004: FRIES MUSEUM NAAR HET ZAAILAND? |
|
Huub Mous (op foto rechts): "Een geparfumeerd lijk in een mausoleum van glas"? Cees van ’t Veen (op foto links): "Een bijzondere kans voor Friesland!" Hans Henkes (op foto midden): "Maar dan alleen het allerhoogste segment winkels" Friesland staat voor een belangrijke keuze, wellicht zelfs een historische keuze, die Leeuwarden in haar kern raakt. Daar kun je niet zorgvuldig genoeg mee omgaan. Wat is er mis met het Zaailand? Is een dergelijke ontwikkeling verantwoord in te passen? Of moeten de bestuurders van het museum het Bonnema-legaat maar beter weigeren? Wat zijn de consequenties voor de Turfmark en de Tweebaksmarkt? Welke positieve gevolgen kan dit project (economisch gezien) voor Leeuwarden en haar binnenstad hebben? Straks moet de politiek haar afweging maken. Nieuwbouw van het Fries Museum op het Zaailand in Leeuwarden, ondergebracht in een complex met talrijke nieuwe winkels, zal uitdraaien op een mislukking. Modieuze papegaaientaal dreigt het te winnen van cultuurhistorische waarden volgens Huub Mous. ,,Leeuwarden wordt een museum in de maag gesplitst waar niemand op zit te wachten'', stelde Huub Mous gisteravond tijdens een Politiek Café van de VVD in Leeuwarden. "Het Fries Museum zou het onderpand moeten zijn voor een economische upgrading van de binnenstad, maar een museum zonder ziel is als onderpand niets waard". Mous, consulent beeldende kunst van de stichting Keunstwurk, sprak op persoonlijke titel. Het Fries Museum had er volgens Mous verstandig aan gedaan het concept voor de presentatie van zijn collectie in het nieuwe gebouw uit te besteden. ,,Het kan van wijsheid getuigen om in te zien dat iets je vermogen te boven gaat.'' Mous pleit ervoor om van architect Abe Bonnema's legaat een cultureel centrum te bouwen waar een nieuwe generatie een podium vindt voor eigentijdse beeldcultuur. ,,Waar de vlag van de verbeelding in top wordt gehesen met alle technologische middelen, die daarvoor tegenwoordig beschikbaar zijn.'' Vervolgens stelde museumdirecteur Cees van ’t Veen dat het huidige museum uit zijn voegen barst, de collecties zijn te groot (320.000 voorwerpen) Hij pleitte voor een nieuw hart in de binnenstad op het Zaailand, waar zeker 100.000 bezoekers naar toe zouden komen. Hij wil geen extra locatie, dat betekend dat de Turfmarkt locatie zal verdwijnen. Het nieuwe museum op of aan het Zaailand is een wens van wijlen architect Abe Bonnema die hiervoor 18 miljoen euro beschikbaar stelde.
Sinds de oprichting van het Fries Museum, na de tentoonstelling in het Stadhouderlijk Hof in 1877, is het Fries Museum gevestigd in het Eysingahuis aan de Turfmarkt in Leeuwarden. Van oudsher zit het museum in het hart van bestuurlijk centrum van Fryslân, met de Kanselarij, het provinciaal bestuur en het Waterschap. Een relatief rustig gebied, met uitsluitend bezoek dat in die straat een afspraak heeft. Het Museum heeft ook een sfeer ontwikkeld die aansluit bij deze straat. Na vele uitbreidingen en verbouwingen, waarvan de laatste in 1993, is het museum nu gevestigd in een 10-tal panden aan weerszijden van de straat. Samen met Tresoar aan het Oldehoofsterkerkhof is het museum verantwoordelijk voor de "Collectie Fryslân", het geheel van (cultuurhistorische) eigendom. Het Fries Museum is het museum waar heden en verleden samenkomen, voor een zo breed mogelijk te interesseren publiek van Friezen en niet-Friezen. Daartoe plaatst het museum bijzondere voorwerpen van kunst en cultuur in en van Fryslân in de context van de steeds veranderende wereld. Het museum wil zodoende actief bijdragen aan een bloeiend cultureel klimaat in Fryslân. Het nieuwe Fries Museum is een vriendelijk, open, levendig en publieksgericht museum dat een plaats heeft midden in de samenleving. Educatie en informatie staan hoog in het vaandel. Te zien zijn belangrijke getuigenissen uit de Friese geschiedenis en de topstukken van de kunst en cultuur in Friesland tot nu toe. Tevens levert het museum een bijdrage aan het kunstklimaat in Friesland en is het een podium voor hedendaagse kunst in Noord-Nederland. Naast lof was er ook forse kritiek. Het bestuur van de Ottema Kingmastichting is mordicus tegen het integreren van de eigen historische collectie met moderne kunst in een nieuw te bouwen Fries Museum op het Zaailand in het centrum van Leeuwarden. En volgens Cees van ’t Veen is opdeling van de collectie over twee plaatsen een slechte zaak. De afzonderlijke musea zouden maar een klein publiek over de vloer krijgen, minder dan de 60.000 die er nu jaarlijks komen. De nieuwbouw op het Zaailand zal tenminste 100.000 bezoekers trekken, voorspelt hij. De directeur stelde dat het "drieluik winkels, wonen en museum een magneetfunctie in het hart van Leeuwarden'' is. Uit onderzoek zou blijken dat bezoekers van het Groninger Museum gemiddeld €50 in het museum en de stad besteden, zo stelde hij. Van 't Veen verwees: "Mous visie" naar de prullenbak: "een kunsthalachtig iets, zoals in Groningen, zal in Leeuwarden niet aanslaan". Enkele aanwezigen waren het hier niet mee eens. De Statenleden hebben hier nog een beslissende stem in klonk het uit de zaal. De Provincie is er te laat bij betrokken, volgens een aantal sprekers. Ongeloof was er ook over de commerciële mogelijkheden van 8000 vierkante meter extra winkelruimte. ,,Leeuwarden kan niet eens een delicatessenwinkel overeind houden'', zo stelde een VVD statenlid. Directeur Hans Henkes van makelaardij Popma was het hiermee oneens. "Er zijn nog voldoende marktpartijen die naar Leeuwarden willen komen, maar die nu geen goede locatie kunnen krijgen.'' De gevreesde leegloop van winkels op de Voorstreek zal volgens hem meevallen, dankzij de parkeergarage Hoeksterend op loopafstand en het groeiende aantal binnenstadsbewoners. Het hoogste segment winkels is een toevoeging en dat wordt toegegeven, maar krijgen we die wel, dat is de vraag. En dan ontstaat er de angst van opnieuw: "13 in het dozijn winkels die niets toevoegen aan de stadseconomie". Verschillende van de ongeveer zestig aanwezigen ventileerden twijfel over de "verleidingskracht" van het beoogde museum. De prognose over de groei van het aantal bezoekers mist onderbouwing, vinden zij. Van 't Veen bevestigde dat hiernaar geen specifiek onderzoek is gedaan. Het was een boeiende avond. Deze van het Politiek Café weer de nodige input gegeven. Waar de risico's zitten, maar ook waar kansen zijn. De stad is in beweging er gebeurd veel, sommigen vinden dat "eng". Er komen nog vele momenten waarover er verder gepraat wordt over dit project. Eerst moet de Provincie er maar eens "iets van vinden". Zij hebben uiteindelijk de verantwoordelijkheid voor het Fries Museum. |