Voorrang voor fietsers op rotondes is symbool politiek
Op 6 februari behandelde de commissie Stadsontwikkeling de evaluatie van de mini rotondes. In 2006 dienden de partijen CDA, Pal Groenlinks en de PVDA een motie in om op de rotondes rondom de binnenstad de fietsers voorrang te geven.
De conclusies die in het onderzoek getrokken worden zijn helder. De invoering van deze voorrangsregel heeft geleid tot minder doorstroming voor het autoverkeer, meer ongelukken, meer sluipverkeer en meer vervuiling. Je zou denken dat de evaluatie dan ook zou afsluiten met de woorden : "wij danken u voor uw nobele poging, maar helaas u heeft verkeerd gegokt ". De praktijk is anders. De proef past binnen de pro fiets gedachte en het aantal gewonden valt toch wel mee? Kortom laten we vooral doorgaan waar we al mee bezig zijn en of dat niet genoeg is stellen we en passant maar voor om ook de rotondes van de oostelijke rondweg te wijzigen en de fietsers ook hier voorrang te verlenen.
Mijn simpele verwachting was dan ook dat de commissie dit onderzoek naar de prullenbak zou verwijzen en vooringenomen zou noemen. Wat schetste echter mijn verbazing; de commissieleden buitelden over elkaar heen (op de D66 en de VVD na) om te zeggen dat ze het een goed onderzoek vonden. Bezwaren werden weggewuifd en lacherig afgedaan. Discussies ontstonden over twitterende fietsers, opvoedkampen, raadsleden die er een bijzondere fietsstijl op nahouden, etc.
Begrijp mij goed, de VVD is niet tegen de fiets maar is een voorstander van het inzetten van de diverse vormen van mobiliteiten (fiets, bus, trein, lopen en auto). Alleen het optimaal gebruik maken en faciliteren van deze verschillende vormen garandeert een goed bereikbare stad. Veel partijen lijken dit basisprincipe vergeten te zijn en kiezen uit aversie tegen de auto voor het verlenen van voorrang op de rotondes. Alsof ze willen zeggen, zie ons nu eens verantwoord bezig zijn. Sommige partijen waren zelfs bereid om als een jojo hun standpunt aan te passen, het CDA spande daarin de kroon. Ze waren één van de initiatiefnemers van het invoeren van de voorrangsregeling. Onder leiding van de toenmalige lijsttrekker Thea Koster vulden ze echter tijdens de verkiezingen in dat ze het niet eens waren met de stelling dat fietsers voorrang op rotondes moesten blijven houden. Tijdens de commissie waren ze echter weer voor de invoering? Begrijpt u het nog?
Terwijl de harde cijfers er niet om liegen. De SWOV (nationale wetenschappelijke instituut voor verkeersveiligheidsonderzoek) constateerde herhaaldelijk dat een rotonde waar fietser geen voorrang hebben veiliger is voor fietsers. In Leeuwarden nam het aantal ongevallen tussen auto's en fietsers zelfs toe ondanks de lagere registratiegraad (alleen als er een procesverbaal wordt opgesteld) in 2010.
Onderzoek wijst uit dat het aandeel fietsslachtoffers in Nederland stijgt, een kwart van alle verkeersdoden en de helft van alle ernstige verkeersgewonden zijn fietsers. Ongeveer 20% van de fietsdoden overleed als gevolg van een aanrijding met een vrachtwagen of bus. In 2005 bleek dat een rotonde waar de fietsers voorrang hebben tussen de 52 en 73 extra ziekenhuisgewonden per jaar betekent. Daarnaast is het aantal letselongevallen op rotondes met fietsers in de voorrang ruim tweemaal zo hoog als op rotondes met fietsers uit de voorrang.
Het naast je neerleggen van deze onderzoeken is volgens de VVD onverantwoordelijk. Voor de VVD is elk slachtoffer 1 te veel. Bij een goed onderzoek hoort ook onderzoek naar de vertraging voor hulpdiensten die zijn ontstaan door de aanpassingen van de rotondes, waar kunnen we lezen welke consequenties deze aanpassing hebben voor beroepschauffeurs (toenmalige wethouder Krol liet na een rit in een vrachtwagen al eens doorschemeren dat hij overwoog om de voorrang weer terug te draaien) en wat zijn de consequenties voor de politie?
Op basis van al deze feiten wil de VVD Leeuwarden dat de auto weer voorrang krijgt op de mini-rotondes. Dat is beter voor de veiligheid, de doorstroming, de bereikbaarheid én voor het milieu (geen ronkende, stilstaande auto's meer). De aanrijdtijden voor de hulpdiensten verbeteren met minuten, en dat is vaak van levensbelang.

